Status: publish Date: 2019-09-01 20:29:19 Link: https://goodgrid.nl/design-thinking-explore-expedition/ In dit tweede deel in de serie artikelen over Design Thinking gaan we als het goed is gebukt onder een probleem dat betrokkenen ervaren. In de eerste fase van Design Thinking hebben we het probleem onderzocht op een manier waarop we zo dicht mogelijk bij de primaire beleving van het probleem kwamen.

In deze tweede fase brengen we mogelijke verlichtingen in kaart en nemen die op de korrel. Ik vermijd bewust het woord “oplossing”. Want ik ga ervan uit dat we werken aan een “taai vraagstuk”. Als het niet taai zou zijn, zouden we ons best wel wat moeite van Design Thinking kunnen besparen en gewoon een plan maken om een oplossing door te voeren.

We gebruiken enkele tools om deze fase te doorlopen. Het is belangrijk dat de keuze van de hulpmiddelen die we beschrijven maar een voorbeeld zijn. In deze fase gaat het erom onze creativiteit in te zetten om een zo groot mogelijke positieve invloed op het vraagstuk uit te oefenen. Hoe we dat doen is niet heel relevant. Het is vooral situatie-afhankelijk. De mogelijke indruk dat er een blauwdruk is voor een aanpak is onjuist.

Waarom niet gewoon een analyse en een plan?

In de vorige stap hebben we een gedeeld beeld van het vraagstuk verkend met betrokkenen. Met dat resultaat op zak zouden we terug kunnen naar traditionele paden. Bijvoorbeeld door een OPLOSSING te formuleren en die via een PLAN door te voeren. Wat we dan doen en aannemen dat we over voldoende kennis beschikken om taaie vraagstukken te kunnen oplossen.

Waarom niet gewoon een analyse, een plan en een oplossing? Goed idee. Doen als je kunt. We gaan ervan uit dat je werkt aan een taai vraagstuk. Verschillende belanghebbenden ervaren het probleem gedeeltelijk en worden het niet eens over wat ze zien en wat dat betekent, het probleem of de symptomen zijn zelf lastig te duiden en veranderlijk en de omstandigheden waaronder het probleem zich manifesteert zijn ook telkens anders. Dit zijn omstandigheden die vragen om andere aanpak, bijvoorbeeld de Design aanpak. Eddie Obeng geeft zijn beeld hier op.

https://www.ted.com/talks/eddie_obeng_smart_failure_for_a_fast_changing_world?utm_campaign=tedspread&utm_medium=referral&utm_source=tedcomshare

Eddie Obeng beschrijft hoe de snelheid van verandering de snelheid van leren heeft ingehaald. Als gevolg zijn spelregels “overnight” veranderd, zijn we wakker geworden met de neiging om onze oude perspectieven en handelingswijzen toe te passen op een radicaal veranderde wereld.

Affinity/Interrelationship/Driver Analyse

Deze combinatie van activiteiten helpt ons bij formuleren van oplossingsrichtingen bij de vraag die we in de vorige fase hebben geformuleerd. Met het team verzinnen we 10 associaties per teamlid bij de vraag. Dat kunnen inzichten, deelproblemen, perspectieven zijn. De associaties worden op een post-it geschreven. De post-its worden vervolgens geclusterd. Zeven tot negen clusters is ideaal. Alle clusters krijgen een titel.

Vervolgens krijgen de clusters een variabele, zoals “de mate van”. Alles is goed, als het maar uit te drukken is in “meer” of “minder”.

Op basis van de, nu te kwantificeren, clusters worden relaties aangebracht. Om dat te kunnen doen worden de namen van de clusters in een cirkel geplaatst. Vervolgens worden alle clusters met alle clusters verbonden. Pijlen lopen in de richting van “meer invloed op”.

Tenslotte worden per cluster de inkomende en uitgaande pijlen geteld. Als er duidelijk meer pijlen uitgaan spreken we van een “driver”, als er duidelijk meer pijlen inkomen is het een “outcome”

Idee-generatie

https://goodgrid.nl/wp-content/uploads/2019/08/image-5.png

Afbeelding met toestemming overgenomen van https://www.flickr.com/photos/philwolff/8174339990 (CC BY-SA 2.0)

Voor het genereren van ideeën zijn er talloze manieren [1][2]. In alle aanpakken is het belangrijk dat iedereen zich veilig voelt om ideeen te mogen spuien. De filtering en selectie vindt pas later plaats. Reageer dus niet op (je eigen) ideeen met dat het nergens of slaat of niet realistisch is.

Bronnen

  1. Snowden, D. J., & Boone, M. E. (2007). A leader’s framework for decision making. Harvard business review, 85(11), 68.